Welkom op natuureducatie.com

BART DE KONING
SPECIALIST IN NATUUR- EN MILIEU EDUCATIE

Klik hier om deze pagina toe te voegen aan uw favorieten
(Netscape-gebruikers, klik op Ctrl D)
MENU
BART DE KONING: SPECIALIST IN NATUUR- EN MILIEU EDUCATIE
Het is

Lesbrief najaar
Lesbrief

Kleine Beestjes Avonturenpad
Versie najaar


Bedoeld voor kinderen uit groep 3 en 4 van het basisonderwijs

Stadsdeel Amsterdam Noord
Natuur en Milieu Educatie

 

Samenvatting

Het doel van de les

Kinderen maken op actieve wijze kennis met het leven van kleine diertjes op de schooltuin

Doelgroep

Groep 3 en 4 van het basisonderwijs

Duur

0,5 uur voorbereiding
1 uur activiteit op de tuin
1 uur verwerking

Wanneer?

Er is een najaars- en een voorjaarspad, waarbij het leven van verschillende diertjes centraal staat

Ondersteuning

De leerkracht voert de les zelf uit met behulp van enkele ouders.
De educatief medewerkers van de schooltuin zorgen dat het pad is uitgezet en de materialen staan opgesteld.

Educatieve materialen

a.Handleiding voor de leerkracht en begeleiders
b.Op de tuin:

Per opdracht:
* een plaat met illustratie
* tekst van de opdracht
* materialen om de opdracht mee uit te voeren


Per begeleider:
* een plattegrond van de schooltuin met daarop opdrachten ingetekend
* aandachtspunten voor de begeleiding

Lokatie

Het bosplantsoen rond de schooltuin

Samenvatting lesprogramma

1.Voorbereiding op school

a.verhaal vertellen
b.kringgesprek voeren

Logistieke voorbereiding

c.groepjes maken, zoveel als er begeleiders zijn. Bij meer begeleiders komt de educatieve waarde van het pad beter tot zijn recht.
d.Informeren van extra begeleiders
e.Kinderen vragen kleren aan te trekken die vies mogen worden.

2.Het schooltuinbezoek

a.Bij de illustraties de spelletjes uitvoeren
b.Doorschuiven van opdracht naar opdracht
De opdrachten zijn genummerd en aangegeven met een hoge stok met nummer er op. De groepjes beginnen elk bij een ander nummer en gaan verder met het daaropvolgende nummer. Bv. 3,4,5,6,1,2 -- 5,6,1,2,3,4.
c.Afsluiten

3.Verwerking op school

a.Tekening maken
b.Verhalen bedenken

Uitwerking Kleine Beestjespad

1. De voorbereiding op school

a)Het verhaal vertellen (bijlage 1)

Het bezoek aan de schooltuin wordt op school geïntroduceerd door een verhaal te vertellen over een Yoram die een droom had waarin hij zag wat kleine diertjes allemaal aan het doen zijn.

b)Kringgesprek

Een belangrijk doel van het kleine beestjespad is dat kinderen hun angst voor kleine diertjes kwijt raken. Het verhaal van Yoram speelt daar op in. Het verhaal heeft een open einde.. het houdt op zodra hij droomt.

De activiteit op de tuin is goed voor te bereiden door in het kringgesprek “sleutelvragen” te stellen aan de kinderen. Sleutelvragen zijn “open vragen” waar kinderen zelf over nadenken en waar geen goed of fout antwoord op mogelijk is.

Mogelijke sleutelvragen zijn:

Voor wat voor diertjes zijn jullie bang?
Welke diertjes komen voor in het land waar je ouders vandaan komen?
Hebben jullie wel eens een enge droom?
Wat voor diertjes zou Yoram in z’n droom tegenkomen?
Wat zouden de diertjes van ons vinden?

Logistieke voorbereiding

c)Groepjes maken en begeleiders vragen

Op de tuin doen de kinderen 6 verschillende opdrachten. Telkens zijn 2 verschillende opdrachten bij elkaar geplaatst, zodat één begeleider overzicht kan houden over 2 groepen. De kinderen verdeelt u in 6 groepjes. U zorgt voor drie begeleiders, inclusief u zelf.

d)Informeren begeleiders

Kopieer voor elke begeleider deze lesbrief en geef hen deze een paar dagen van te voren. Vertel de begeleiders dat ze één groep meenemen. Leg nadruk op de beleving van de kinderen. Vraag de begeleiders zich daarom in te leven in het verhaal (bijlage 1) en in te gaan op wat de kinderen kunnen zien op de illustraties.

Belangrijk is dat de materialen weer op hun plaats terug gelegd worden voor de volgende groep. Eventueel leest de begeleider de opdrachten voor.

e)Kleding

De kinderen zijn fysiek aan het werk op de schooltuin. Vraag de kinderen kleren aan te trekken die vies mogen worden.


2. Het bezoek aan de schooltuin

Zodra u op de schooltuin bent neemt elke begeleider één groep mee naar de zes verschillende opdrachten op de schooltuin. De opdrachten staan aangegeven met nummers.

Bij de opdrachten laat de begeleider de groep eerst de illustratie zien en leest de opdracht voor. Het is belangrijk dat de begeleider kort met de kinderen praat over wat er te zien is op de illustratie.

De begeleider zet de groep aan het werk en helpt kinderen die er moeite mee hebben. Na afloop van de opdracht zorgt de begeleider dat de gebruikte materialen weer terugkomen op hun plaats.

Zodra de groep klaar is gaat ze met haar begeleider naar de volgende opdracht.
Nadat iedere groep alle zes de opdrachten heeft gedaan verzamelt de leerkracht de groep. Verwerking van het kleine beestjes avonturenpad vindt plaats op school.

Elke opdracht duurt ongeveer 10 minuten.

3. Verwerking op school

De kinderen hebben tijdens het bezoek aan de schooltuin gezien wat Yoram heeft gedroomd. Dat vraagt om een verwerking en een afsluiting.

Hier volgen enige suggesties hoe u de kinderen hiermee verder aan het werk kan zetten:

a.De kinderen schrijven een brief aan Yoram over wat ze meegemaakt hebben op de tuin
b.De kinderen maken het verhaal van Yoram samen af. Elk kind kiest een diertje dat die op de schooltuin heeft gezien en schrijft daar een verhaaltje over.
c.De kinderen maken een tekening over Yoram in diertjesland

De werkstukken kunt u ophangen in de klas.


Bijlage 1

Het verhaal van Yoram

Yoram is een jongen van 7 jaar. Hij komt uit Suriname en is heel bang voor kleine beestjes. Als hij in de zomer bij z’n oma is in Suriname waarschuwt ze hem altijd voor gevaarlijke spinnen en duizendpoten. Maar daar is het oerwoud en zijn veel diertjes veel groter en gevaarlijker dan in Nederland. Yoram weet dit natuurlijk niet. Overal ziet hij enge dieren. Vliegen zoemen zomers door z’n slaapkamer.. hij vindt pissebedden onder de tegels, oorwormen in de struiken.. help! Z’n buurmeisje Ayse plaagt Yoram graag door een glibberige worm voor z’n gezicht te houden. Yoram gilt het dan uit.

Yoram heeft besloten alle diertjes die hij tegenkomt dood te maken. Mieren, vliegen, spinnen, bijen, rupsen allemaal moeten ze dood! Behalve vlinders want die zijn mooi!
Maar ja.. dood maken.. dat is ook wel eng. Hij maakte een mier dood en meteen kwamen z’n mierenvriendjes eraan om de dode mier weg te halen. Yoram voelde zich niet zo lekker, wat zou de koningin, de moeder van alle mieren er wel niet van denken? En die vlieg…, die bleef nog even doorzoemen toen Yoram hem had neergeslagen. Hij trok ook nog heel lang met z’n pootjes. Heel eng!! Zou een vlieg ook pijn hebben vroeg Yoram zich af.

’s Nachts kan Yoram niet goed in slaap komen. Hij denkt nog na over de mierenfamilie en over de arme vlieg in de vensterbank. Hij haat die diertjes!! Maar het is niet leuk om ze dood te maken! Als Yoram eindelijk slaapt krijgt hij een hele rare droom!!
Opeens hoort hij een hoog stemmetje: he Yoram.. kijk eens wat we hier hebben.., het lijkt het stemmetje van Ayse wel als ze een regenworm voor z’n neus houdt!! Maar plotseling ziet Yoram iets heel raars. Twee mieren, zo groot als hijzelf komen aangesleept met de mier die Yoram heeft dood gemaakt. He Yoram weet jij wie dit gedaan heeft??? Die zouden we wel eens lekker willen bijten!!. Yoram schrikt en besluit net te doen alsof hij het niet gedaan heeft. Hij verstopt zich achter een boterbloem en kijkt wat de mieren met hun dode vriendje doen!

Yoram droomt die nacht nog over veel meer diertjes.. Hij weet nu precies wat al die diertjes doen, waar ze wonen en wat ze eten.. Toch wel spannend dat Kriebeldiertjesland.
De volgende dag gaat Yoram met z’n klas naar de schooltuin. Op “Avontuur in Kriebel-land”. Eerst wilde Yoram niet, maar nu weet hij al z’n klasgenoten te vertellen hoe de rups, de duizendpoot en de bij leven.

Willen jullie weten wat Yoram precies heeft gedroomd?
Op de schooltuin in Kriebelland kom je dat te weten.

Bijlage 2


Bezoek aan de schooltuin

Rond de schooltuin komen de kinderen de onderstaande opdrachten tegen. Bij elke opdracht is een
a. illustratie (over de droom van Yoram)
b. tekst (wat doet Yoram/ wat is de opdracht?)
c. materiaal om de opdracht te doen.

De vlinder

Yoram heeft zich in de bloem verstopt. Hij ziet hoe de vlinder met zijn roltong op zoek gaat naar honing. Hoe zou honing eigenlijk smaken?

Schud uit elk flesje een druppel op je hand en proef ervan. In welk potje zit de honing?


Kriebeldieren in de compost

Waar is Yoram nu? Hij ziet een reuzenklokhuis, een bananenschil en paddestoelen. Het lijkt wel op de composthoop van oma. Maar wat doen al die beesten daar? Wat staat die oorworm lelijk naar hem te kijken! Waarom heeft die pissebed zich opgerold?

Zoek in de compost naar de diertjes die je op het bord ziet staan. Doe de diertjes dan in de potjes met een afbeelding van het diertje erop en bekijk ze goed.

De spin

Bah wat een vies spinnenweb. Even hard trekken dan kan ik er doorheen.. Oei wat kleven die draden. En wie komt daar op 8 hoge poten aan.. Het is de spin. Wat kijkt die nijdig! Snel knoopt Yoram de draadjes weer aan elkaar.

Dat is moeilijk een echt spinnenweb bouwen. Probeer het maar eens. Neem allemaal een kleur koord. Loop naar een paal aan de buitenkant, neem het koord mee naar de paal links, ga dan terug naar het midden van je koord en maak het daar met de haak vast. Lijkt het op een spinnenweb? De begeleider doet het even voor.


Diertjes in het water

Yoram is in het water gevallen. Daar ziet hij hele vreemde diertjes zwemmen. Diertjes met roeispanen en een bel lucht onder hun buik, diertjes die op het water kunnen lopen en kleine rode beestjes met een heel groot oog en allemaal pootjes.

Met de onderwaterkijkers kun je goed bekijken wat voor diertjes onder water leven. Op het info-bord zie je hoe de diertjes heten.

De regenworm

Wat raar! Daar verdwijnt een blaadje in een tunnel. Wie doet dat? Aha een dikke regenworm. Misschien lust die graag blaadjes en verstopt die ze in haar huis.

Regenwormen maken tunnels in de aarde. Dat kunnen jullie ook! In deze bak met zand mag je tunnels graven. Misschien kom je elkaar wel tegen met je handen.

De bij

Yoram is in het huis van het bijenvolk. Wat een rare kamertjes hebben ze daar. In de kamertjes zitten ook witte wormpjes. Dat zijn larven van bijen, het zijn kinderbijen. De bijen voeren ze met klompjes stuifmeel en honing.

De klompjes stuifmeel halen ze uit een bloem. Ze blijven plakken aan hun bijenpootjes. Doe een bijenpootje aan. Loop naar een houten bloem. Doe een klompje stuifmeel in je pootje, loop terug naar de bijenkorf en plak het klompje in de korf.

Leg als je klaar bent alle klompjes weer terug in de houten bloemen.

 

© 2002 - stichting stedelijke initiatieven